Loslaten

Heeft u dat ook weleens? Er gebeurt wat of je leest iets, kijkt naar een televisieprogramma , en opeens zijn er weer die herinneringen. Moeilijke gedachten, nare beelden. Hoe is het toch zo gekomen? Had het niet anders gekund?
Ik praat er eens over en krijg te horen dat het geen zin heeft daar nog langer mee bezig te zijn. Laat het los! Het is zo makkelijk gezegd, maar zo moeilijk te doen.
Dat vasthouden en loslaten doet mij denken aan ‘afstand en nabijheid’ zoals ik dat ooit in mijn sociale opleiding leerde. Ook daar is zo’n grijs gebied: wanneer ben ik nabij, maar niet te intiem en waar behoud ik voldoende afstand, doch niet teveel. Ik mag kwetsbaar zijn maar niet té. Echter, ik werkte met cliënten, niet met familie. Een professionele houding is dan voorwaarde. Maar als het je eigen kinderen betreft gaat die professionaliteit niet op. Bij mij tenminste niet. Diep weg voel ik me schuldig aan hun situatie. Mijn verstand wil dat ontkennen, omdat ik erg m’n best deed, maar mijn gevoel is sterker. Feit is dat mijn kinderen veel te kort kwamen en daar was ik debet aan. Zij kunnen er toch niets aan doen dat ze psychische aandoeningen hebben? Ik had veel meer zorg en aandacht moeten geven… enzovoort. Mijn verstand zegt me ook dat ik op deze manier verkeerd bezig ben. Dit is zinloos. Het is zoals het is en destijds kon ik niet beter, wist ik niet beter. Het schuldgevoel moet ik loslaten. Mijn inzicht groeide met de jaren en de studies, maar soms is dat inzicht erg pijnlijk. Vooral als ik me inleef in het moeilijke leven van mijn drie dochters, terwijl ik het meest bij ze betrokken ben en er echt voor ze wil zijn. Ik zou meer voor ze willen doen maar ze zijn volwassen en storen zich eerder aan mijn bemoeienis dan dat ze er blij mee zijn. Eén dochter heb ik al 15 jaar niet gezien. Dat blijft zwaar en lezers die dit ook meemaken weten wat dat is. Langzamerhand leerde ik de situatie accepteren. Kan het loslaten en dan ga ik lekker mijn eigen gang met al mijn hobby’s. Gelukkig kan ik nu vaak genieten van alles wat ik wel heb. Ik ben echt niet alle dagen hierdoor in beslag genomen. Maar het verdriet blijft in mijn rugzak zitten. Ik kan het er niet uitgooien. Ze zijn mijn kinderen die ik voortdurend blijf liefhebben. In mijn ogen zijn ze goed.

De rugzak is vol en zwaar, ik wil ‘m uit- en opnieuw inpakken zodat hij beter te dragen is, maar dan kom ik alles weer tegen.

Scroll naar boven